Jojoba olie is zeer aangenaam voor de huid. Het trekt snel in, is niet kleverig maar geeft juist een zijdezacht huidgevoel. De olie is zeer stabiel en vrijwel niet aan bederf onderhevig.
Herkomst
Jojoba olie wordt geperst uit de zaden van de Simmondsia chinensis (de Jojoba struik) een plant die oorspronkelijk afkomstig is uit het noorden van Mexico en het zuiden van de Verenigde Staten.
Natuurlijke samenstelling
Jojoba olie is uniek omdat het eigenlijk geen olie is, maar een vloeibare was-ester. Deze was-ester bestaat uit zeer lange onverzadigde vetzuurketens (36 tot 46 koolstofketens in lengte).
Toepassingen
Geschikt voor de vette huid, huid met acne, droge huid, gevoelige huid.
Ook voor het haar geschikt.
- Puur of als onderdeel van cremes ed.
- Als haarconditioner of onderdeel van haarverzorgingsproducten.
- Als massage olie.
- Lippenbalsem.
- Make-up verwijderaar.
Contra-indicatie
Bij uitwendig gebruik zijn geen contraindicaties bekent.
Jojoba olie
Herkomst
De Jojoba struik (uitspraak ho-HO-ba) is een zaaddragende woestijnplant en oorspronkelijk afkomstig uit het noordwesten van Mexico en het zuiden van Arizona en Californië (de Sonora woestijn en aangrenzende gebieden). De eerste plantages zijn in de VS eind jaren 70 aangelegd. Daarvoor werd Jojoba olie uitsluitend gewonnen uit de zaden van in het wild groeiende struiken.
Tegenwoordig zijn er ook plantages buiten Mexico en de VS, bijvoorbeeld Argentinië, Australië, Chili, Egypte, India, Israël, Nigeria en Peru. De aanleg van plantages aan beide zijden van de evenaar heeft als voordeel dat de productie van Jojoba olie niet meer seizoensgebonden is.
De geschiedenis van Jojoba Olie
Hoe lang Jojoba olie al door de mens wordt gebruikt is niet bekend, maar het gaat ten minste om honderden jaren.
Naamgeving en eerste contacten
Mexico werd tussen 1519 en 1521 veroverd door Hernan Cortes, een Spaanse conquistador (of plunderaar). Verhalen gaan dat hij de Jojoba plant zijn naam zou hebben gegeven. Een meer geloofwaardige opvatting is dat de naam afkomstig is van de inheemse bevolking zelf en door westerse (Europese) waarnemers min of meer is overgenomen.
Een eerste beschrijving dateert uit 1769 en kwam van pater Junipero Serra, een Spaanse Jezuïet.
De botanist H.F. Link is verantwoordelijk voor de wetenschappelijke naamgeving van Jojoba. Hij vernoemde de woestijnplant allereerst naar zijn collega, de heer T.W. Simmonds. Echter, Link verwarde de Jojoba zaden met zaden die hij had verzameld uit China en kwam zo op de naam Simmondsia chinensis. Internationale naamgevingsregels bepalen dat, als een naam eenmaal is gegeven deze niet meer mag worden aangepast.
Gebruiksgeschiedenis
traditioneel gebruik
Honderden jaren geleden werd Jojoba olie al gebruikt door de inheemse bevolking van de Sonora woestijn en aangrenzende gebieden. Zij gebruikten de olie voornamelijk uitwendig voor cosmetische doeleinden, en voor de behandeling van huidafwijkingen en wonden. Ook waardeerde de inheemse bevolking de olie om de prachtige glans die het gaf bij het gebruik voor het haar.
westerse aandacht
De eerste commerciële aandacht dateert uit 1933. Een verfproducent onderzocht de eigenschappen van de olie hopende deze te kunnen toepassen in verfmengsels, echter zonder succes. Tussen 1943 en 1945 diende de olie het leger als machine olie en smeerolie voor machinegeweren. In tegenstelling tot petroleum liepen machinegeweren gesmeerd met Jojoba olie niet vast en ook bleek de olie zeer hitte bestendig. Na de oorlog werd de olie min of meer weer vergeten.
In 1971 keerde de aandacht terug onder invloed van goedwillende organisaties. Eén zo'n organisatie was de “Office of Economic Opportunity” dat zich inzette om de financiële positie van de Apache indianen te verbeteren. Zij meenden dat het verbouwen van Jojoba voor hen voordeel kon opleveren.
Jojoba en de walvis
Een andere belangrijke factor was het verbod (1971) op de import van walvisproducten. De auto industrie leunde zwaar op de aanvoer van spermaceti of walschot. Walschot (spermaceti) is een product dat afkomstig is van het spermaceti-orgaan in de kop van de Potvis. Voor de productie van transmissie olie was jaarlijks zo'n 13 milioen kilo walschot nodig. Duizenden walvissen moesten jaarlijks gedood worden om aan de behoefte van de auto industrie te kunnen voldoen.
Jojoba olie is, net als walschot een vloeibare was-ester. Was-esters hebben een grote stabiliteit en oxideren vrijwel niet. Om deze reden zijn ze bestand tegen langdurige en herhaalde blootstelling aan hoge temperaturen. Voor het smeren van machines die aan hoge temperaturen worden blootgesteld zijn ze dus erg nuttig. Door het verbod van 1971 op walschot zocht men naar alternatieven. Jojoba olie bleek een uitstekend alternatief. Langdurige (dagenlange) verhitting met temperaturen tot 300 graden Celsius heeft vrijwel geen invloed op de samenstelling van Jojoba olie.
Jojoba olie vandaag
Sinds de aanleg van de eerste plantage jaren 70, is de productie van Jojoba olie uitgegroeid naar duizenden tonnen per jaar. Vandaag de dag zijn de VS en Mexico niet meer de enige producerende landen. Afrika (o.a. Nigeria), Noord Africa (o.a. Egypte), Asië (o.a. India) en Zuid Amerika hebben zich ook op de Jojoba olie productie gestort.
De cosmetische industrie vormt vandaag de dag de belangrijkste afnemer van Jojoba olie. Het is wijdverbreid populair in cosmetica producten en als pure olie voor de verzorging van de huid en het haar. De gebruikstraditie blijft dus min of meer ongewijzigd.
Het winnen van de olie
Jojoba olie wordt over het algemeen verkregen door de zaden te persen. De rijpe zaden zijn roodbruin met een rimpelig oppervlak en een diameter van 3 tot 15 milimeter. De zaden bevatten tussen de 42% to 58% aan was esters (de Jojoba olie). Naast het persen kan Jojoba olie ook verkregen worden door extractie waarbij gebruik wordt gemaakt van een oplosmiddel. Als bij het persen geen gebruik wordt gemaakt van warmte spreekt men van koud persen. Als de olie na het persen niet verder is bewerkt (behalve filteren) spreekt men van “golden quality Jojoba” (vanwege typische kleur en licht vettige odeur).
Jojoba olie - geen olie maar een was-ester
Jojoba olie is eigenlijk geen olie maar een was-ester. Een “echte” olie bestaat uit triglyceriden, oftewel, 3 vetzuren verbonden met glycerol. Jojoba olie bestaat uit vetzuren verbonden met vet-alcoholen. De koppeling van een vetzuur met een alcohol is veel sterker dan die met glycerol. Hierdoor ontstaan lange rechte ketens. Dit maakt dat de olie uitzonderlijk stabiel is en uitzonderlijk lang houdbaar (mits optimaal opgeslagen).
De stabiliteit komt tot uiting in de volgende punten:
- Jojoba olie kan uitzonderlijk hoge temperaturen (300 graden Celsius) doorstaan zonder dat noemenswaardige chemische veranderingen optreden.
- Jojoba olie is resistent tegen oxidatie.
- zelf-polymerisatie vind vrijwel niet plaats.
Bij punt 3 moet wel opgemerkt worden dat enige polymerisatie plaatsvindt onder invloed van zonlicht. Dit is een traag proces, maar om zo lang mogelijk de kwaliteit van de olie te waarborgen kunt u de olie het beste uit de zon bewaren.
Jojoba olie wordt weleens vergeleken sebum. Het huideigen sebum bevat namelijk voor 25 tot 30 procent aan was-esters. Echter, in tegenstelling tot het sebum heeft Jojoba olie niet de neiging porië&n te verstoppen. Om deze reden heeft het zijn plaats bij de behandeling van acne.
De was-ester moleculen in Jojoba olie bestaan dus uit vetzuren met een lengte van 16 t/m 24 koolstofatomen gekoppeld aan vet-alcoholen (ook 16 t/m 24). De belangrijkste vet-alcoholen zijn eicos-11-enol (ong. 44%) en docos-13-enol (ong. 45%). Het vetzuur en vet-alcohol vormen gekoppeld een keten van 36 tot 46 koolstofatomen. Het belangrijkste vetzuur bestanddeel is eicoseenzuur (65%-71%) met een lengte van 20 koolstofatomen en een onverzadigde binding op plaats 9 (omega 9). De andere vetzuren zijn onverzadigde, enkelvoudig verzadigde en meervoudig onverzadigde vetzuren.
- eicoseenzuur (65%-75%)
- erucazuur, ook wel docoseenzuur (10%-20%)
- oliezuur (5%-15%)
- linolzuur (5% max)
- palmitinezuur (3% max)
Vitaminen E
Net als de meeste andere plantaardige oliën bevat Jojoba olie vitamine E. Per 100 gram bevat het tussen de 5 en 6 milligram aan tocopherolen (vit. E). Amandelolie bevat ongeveer 39 milligram aan tocopherolen per 100 gram. Jojoba olie bevat is dus niet rijk aan vitamine E.
Vitamine E is een belangrijke stabilisator in plantaardige oliën en voorkomt oxidatie (anti-oxidant). Ondanks een relatief lage concentratie aan vitamine E is Jojoba olie zeer stabiel. Het feit dat Jojoba olie een was-ester is speelt mede een rol. Echter, sommige onderzoekers vermoeden dat er een nog onbekend en sterker anti-oxidant in de olie aanwezig is.
Cosmetische gebruiken voor Jojoba olie
Jojoba olie wordt gebruikt als huidolie, haarolie, massage olie en als onderdeel van allerlei verzorgingsproducten. Als de olie erg rijkelijk wordt opgebracht ontstaat een (vaak ongewenste) glans op de huid. Dit kan men voorkomen door de olie meer spaarzaam op te brengen en goed uit te wrijven. De juiste, optimale uitstraling voor de huid of het haar is afhankelijk van de aangebrachte laagdikte.
Het cosmetisch toepassingsgebied voor Jojoba olie is erg breed. Hieronder een opsomming.
Haarverzorging:
- haarolie en haarolie mengsels
- behandeling hoofdhuid
- haar conditioners
- shampoos
Huidverzorging:
- Vochtinbrengende olie voor lichaam en gezicht
- gezichtsreiniger
- makeup remover
- ooglid behandelingen
- lippenbalsum
- olie bij het scheren of verzorging na het scheren
- ingrediënt crèmes en lotions (hand, lichaam en gezicht)
- babyhuid: lotions, crèmes en olie
- ingrediënt maskers
Welness:
- aromatherapie
- massage olie, puur en gemengd
- badolie
Sun Care:
- After-Sun crèmes en lotions
- UV-filter producten
- Zelfbruinings producten
Make-up producten (kleurproducten)
- foundations: vast, vloeibaar en crèmes
- lippenstiften
- oogschaduw
- eyeliners
Zepen: vloeibaar en vast
nagelverzorging
Jojoba Olie en Veiligheid
Jojoba olie al honderden jaren in gebruik
Niet alleen wetenschappelijk onderzoek, maar ook historische gegevens kunnen iets zeggen over de gebruiksveiligheid van een product. In Mexico en het Zuiden van Amerika is Jojoba Olie is al vele honderden jaren in gebruik. De inheemse bevolking gebruikte Jojoba zaden als voedsel. De olie zelf werd door hen voornamelijk uitwendig gebruikt. Dus voor cosmetische doeleinden en de behandeling van wonden en huidafwijkingen. Uit deze lange gebruikshistorie blijkt al de relatieve veiligheid.
Commerciële aandacht - start toxicologisch onderzoek
Op commercieel vlak heeft Jojoba Olie dus lang onder het stof gelegen. Na 1970 is voor Jojoba olie het commerciële tijdperk begonnen en daarmee ook het wetenschappelijk testen en onderzoeken van haar eigenschappen (inclusief toxicologisch onderzoek).
Kennis vandaag de dag - Jojoba olie, veilig cosmetisch ingrediënt
Inmiddels is de gebruiksveiligheid van Jojoba Olie al jarenlang uitgebreid getest. In 1992 werd door het CIR expert panel (CIR = Cosmetic Ingredient Review) een artikel gepubliceerd met alle tot dan toe beschikbare wetenschappelijke informatie. Het betrof een groot aantal toxicologische onderzoeken welke op dieren en op mensen waren uitgevoerd. Geteste externe delen van het lichaam omvatten de huid (intact en geschaafd), de ogen en slijmvliezen. Ook werd wetenschappelijk onderzoek geëvalueerd waarbij Jojoba olie (en afgeleide producten) inwendig werd toegediend (oraal en per injectie).
Gekeken is naar:
- irritatie
- allergene eigenschappen
- mutagene eigenschappen
- foto-toxische- en foto-allergene eigenschappen
- voedingsonderzoek
- toxicologisch onderzoek bij orale toediening en toediening per injectie (inwendig)
Kortom, een groot aantal verschillende onderzoeken zijn geëvalueerd. De conclusie van het CIR expert panel was dat, op basis van de verzamelde klinische gegevens en gegevens uit dierproeven, Jojoba olie veilig is als cosmetisch ingrediënt en als pure olie. Het is niet irriterend voor de huid en slijmvliezen, minimaal allergeen, niet mutageen, niet foto-toxisch of foto-allergeen. Bij inwendig gebruik (oraal), met name grote hoeveelheden, worden bij ratten wel toxische effecten waargenomen. In een ander onderzoek werd aangetoond dat deze toxische effecten mogelijk beperkt zijn tot de rat. Indianen hebben namelijke al eeuwenlang de zaden van de Jojoba struik genuttigd (en deze bevatten ongeveer 50% Jojoba olie)
Hierboven houden wij het advies van het CIR aan. Over de gebruiksveiligheid van Jojoba olie bestaat (gelukkig) vrijwel geen discussie.
|